Verslag bijeenkomst Opvang Vluchtelingen in Apeldoorn

Op 12 januari 2015 was het bestuur van de Wijkraad Brink & Orden in het Stadhuis aanwezig voor de presentatie van het plan om vluchtelingen in de gemeente Apeldoorn op te vangen. Het verslag wat door de gemeente is opgemaakt wordt hier integraal weergegeven.

Verslag bijeenkomst Opvang Vluchtelingen in Apeldoorn – Aandachtspunten voor het
haalbaarheidsonderzoek

Burgemeester Berends opent de bijeenkomst. Vanavond zal worden gesproken over de vijf kansrijke
locaties voor mogelijke vestiging van een asielzoekerscentrum (AZC). Aan genodigden wordt
gevraagd aan te geven waar op gelet moet worden bij het haalbaarheidsonderzoek. De burgemeester
verwijst naar een toezegging van wethouder Blokhuis, in de vorige periode, aan de Stem van Orden
om hen voortaan tijdig te informeren. Indien sprake is van zo’n toezegging, is sprake van een omissie
aan de kant van B&W.

Apeldoorn wil meewerken aan de opvang van een groep van 600 tot 800 vluchtelingen, welke niet per
se op één locatie gehuisvest hoeven te worden. Het haalbaarheidsonderzoek zal dit moeten uitwijzen.
De gespreksleider geeft aan dat er een verslaggever van de Stentor aanwezig is en dat omroep
Gelderland later op de avond ook aanwezig is. Van de bijeenkomst wordt een verslag gemaakt. Voor
ontvangst hiervan alsmede van de presentatie, kan het emailadres worden doorgegeven (indien nog
niet bekend).

Mevrouw Antje van Laar (projectleider namens de gemeente) geeft een overzicht van de
processtappen. Na het door COA uit te voeren haalbaarheidsonderzoek en (principe) besluitvorming
over de definitieve locatie(s), zal er wederom een bijeenkomst worden georganiseerd, dan met
het accent op de direct betrokkenen. Tussen COA en gemeente wordt een bestuursovereenkomst
gesloten. Het college zal daaraan voorafgaand de gemeenteraad consulteren.

Tijdens de vorige bijeenkomst kwamen als drie belangrijkste punten naar voren de schaalgrootte (het
aantal opvangplaatsen), sociale veiligheid en de spankracht van de wijk/sociale cohesie. Belangrijke
aspecten maar niet eenvoudig te gebruiken om de ene locatie te vergelijken met de andere. Er is
daarom bekeken hoe een vertaalslag kan worden gemaakt naar meer meetbare aspecten. Gekozen
is schaalgrootte in deze fase niet als onderscheidend criterium mee te nemen. Immers alle locaties
zijn geselecteerd op een minimale maat, maar het aantal plaatsen wat wenselijk en mogelijk is
kan per locatie verschillen. Daarom zal het aspect schaalgrootte nadrukkelijk aan de orde komen
tijdens het haalbaarheidsonderzoek. Sociale veiligheid heeft een ruimtelijke en een gevoelsmatige
component. Voor de ruimtelijke component is gekeken naar locatie-aspecten en met betrekking tot de
gevoelsmatige is onder andere gekeken naar de uitkomsten van een enquête onder de bewoners: de
veiligheidsmonitor.

De criteria die zijn gehanteerd om de locaties op de longlist onderling te vergelijken zijn goede
ruimtelijke ordening, locatiekwaliteit, buurtrelatie, wijkbaten, kosten, snelheid en termijn van realisatie
en exploitatieduur. Voor de objectiviteit zijn de locaties per criterium, in meerdere rondes door
wisselende teams, onderling vergeleken. Na vergelijking bleken zeven locaties beduidend meer
kansrijk. Deze zijn nader verkend, onder andere door gesprekken met eigenaren en COA. Daarna zijn
er vijf kansrijke locaties overgebleven. GGNet en Zuidbroek liggen dicht bij elkaar. Het is niet wenselijk
dat beide locaties gerealiseerd worden. Er is geen enkele locatie die op alle vlakken voldoet.

GGNet is op korte termijn beschikbaar en bruikbaar. Het is een grote kavel met bruikbare
voorzieningen en panden en in de nabijheid van wijken met voorzieningen.
Immendaal is op korte termijn beschikbaar en bruikbaar. Door het dorp Beekbergen is wel aandacht
gevraagd voor de spankracht van het dorp.
Voor de kavel in Zuidbroek geldt dat de functie past binnen het bestemmingsplan en een
uitwerkingsplan zal moeten worden gemaakt. Het is een nieuw te ontwikkelen locatie, dus het meest
optimale plan kan worden gemaakt. In de wijk worden echter andere functies verwacht.
De kazernes in Nieuw Milligen komen leeg. Het zijn bruikbare panden, maar de bestemming moet
worden gewijzigd en voorzieningen zijn verder weg.
De Kleiberg staat leeg en heeft een bruikbare bestemming. De schaalgrootte is een belangrijk punt
voor de buurtbewoners.

De heer Elzinga (wijkraad Zevenhuizen Zuidbroek) vraagt wat het tijdspad is. Mevrouw Van Laar geeft
aan dat het de bedoeling is om voor de zomervakantie duidelijkheid te kunnen geven over plek en
invulling.

Mevrouw Vinken (Wijkraad Osseveld Woudhuis) vraagt wie besluit waar het AZC komt en wat de
positie van de wijkraad is. Burgemeester Berends legt uit dat het formeel een bevoegdheid is van het
college van B en W, maar dat er drie partijen belangrijk zijn: de bewoners, COA en de gemeente. Het
college beslist uiteindelijk over de definitieve locatie. De wijkraad is één van de partijen waar vooraf
mee gesproken wordt om tot een keuze te komen.

De heer Tjeenk Willink (buurtcommissie Zomeroord Beekbergen) vraagt wat de verwachtingen zijn
van het Immendaal, wat is bruikbaar? Mevrouw Van Laar legt uit dat het bruikbaar moet zijn voor de
functie. De schaalgrootte wordt bepaald tijdens de haalbaarheidsstudie.

De heer Van der Rhee (bewoner tegenover Immendaal) vraagt of er in dit stadium al kostenaspecten
zijn meegenomen. Mevrouw Van Laar geeft aan dat er globaal is gekeken naar kosten in die zin dat is
aangenomen dat de kosten om een kantoorpand geschikt te maken meer kost dan een pand waarin
de benodigde ruimten aanwezig zijn.

Mevrouw Oldewarris – Bazuin (St. Kerk en Vluchteling) heeft bij de vorige bijeenkomst gehoord dat er
nadrukkelijk gezegd is dat er op zijn minst 600 vluchtelingen gevestigd moeten worden op een locatie.
Nu wordt gezegd dat dit verdeeld kan worden. Mevrouw Van Laar geeft aan dat COA hier op in zal
gaan. Er zijn wel afspraken over gemaakt tussen gemeente en COA.

Mevrouw Carolien Schippers (unitmanager huisvesting COA) geeft een toelichting. Op dit moment
is er een iets verminderde instroom van vluchtelingen, wat gebruikelijk is in deze periode. In april/
mei wordt een behoorlijke toename verwacht onder andere door na reizende gezinsleden. Hierover
is ook contact met het Ministerie. Dit jaar worden 10.000 vluchtelingen verwacht en het jaar daarna
zal er een extra toename zijn. Ook vluchtelingen die een vergunning hebben gekregen, maar nog
in afwachting zijn van een huis worden door COA opgevangen. Het COA heeft inmiddels acht
gevangenissen en twee kazernes in gebruik genomen. Dit is makkelijk inzetbaar vastgoed.

Het leven van vluchtelingen op het AZC bestaat uit dagbesteding, zelfwerkzaamheid,
inburgeringscursussen en kinderen gaan naar school. Er is gezondheidszorg, een meldplicht en er
wordt zo veel mogelijk gezorgd voor keukens, zodat er gekookt kan worden en er boodschappen
gedaan moeten worden. De locatie moet aan wettelijke veiligheidseisen voldoen. Hierbij heeft COA
een programma van eisen gemaakt zoals brandveiligheid, ligging, medische zorg, BHV, sociale
veiligheid en financieel economische haalbaarheid. Kleinere locaties zijn voor COA financieel niet
haalbaar.

Bij het haalbaarheidsonderzoek wordt gekeken naar de geschiktheid en staat van het vastgoed,
weging van locatie criteria en financiën. Het COA heeft financiële regels waar locaties aan moeten
voldoen en wat het mag kosten. Tevens wordt gekeken naar doorlooptijd en de omvang in relatie tot
het aantal bewoners. Een regulier AZC heeft 450 bewoners. Het streven is 600 tot 800 bewoners,
maar daar kan in geknipt worden. De samenstelling van de centra wisselt. Op dit moment zijn er veel
mensen uit Syrië. Vaak komen eerst mannen en komen vrouwen en kinderen later. Er wordt getracht
om zoveel mogelijk gemengd op te vangen.

De heer Verhoek (Wijkraad Brink en Orden) verwijst naar het bestemmingsplan van De Kleiberg, met
daarin keiharde gegevens; overdag maximaal 200 en ’s-nachts maximaal 100 personen. Bovendien
ligt een deel van de locatie in Natura 2000. Mevrouw Van Laar geeft aan dat de genoemde aantallen
niet in de Regels van het bestemmingsplan staan en dat waarschijnlijk wordt verwezen naar een
ecologisch onderzoek uit 2002/2003, waarbij destijds is gekeken naar de mogelijke effecten en
omvang bij de vestiging van een hotel. Dit onderzoek had dus betrekking op iets anders. Onderdeel
van de haalbaarheidsstudie is om specifiek naar het aantal opvangplaatsen te kijken.

De heer Van Egteren (Uddels Belang) vraagt of het om de landmacht- of luchtmacht locatie gaat.
Mevrouw Van Laar legt uit dat beide beschikbaar komen en nader verkend zal worden welke het
meest in aanmerking komt.

De heer Elzinga (Wijkraad Zevenhuizen Zuidbroek) heeft informatie dat GGNet pas in 2016 beslist
of het leegkomt en dat leegstand dan pas in 2018 een feit is. Het lijkt onwenselijk om psychiatrische
patiënten te vermengen met vluchtelingen. Mevrouw Van Laar legt uit dat de locatie gedeeltelijk al
niet meer in gebruik is en beschikbaar komt. Onderdeel van het haalbaarheidsonderzoek is om te
kijken hoe met deze vermenging kan worden omgegaan. Het terrein is heel groot, er zijn verschillende
mogelijkheden.

De heer Koers (gemeenteraadslid namens GroenLinks) wijst op spanningen tussen de verschillende
bevolkingsgroepen (ze komen uit oorlogsgebieden) en spreekt zijn zorg uit over de publieke opinie,
die bepalend kan zijn bij de verdraagzaamheid. De vraag is of er gedifferentieerd kan worden, ook in
de verschillende fases. De heer Slinkert (namens COA) legt uit dat er wel in fases wordt opgevangen,
maar niet in etniciteit. Er zijn wel incidenten die breed uitgemeten worden in de krant. Maar bijna
overal gaat het goed. De medewerkers zijn getraind hier op te letten en bij plaatsing wordt rekening
gehouden met wensen van hun bewoners. COA heeft veel kennis en ervaring op dit gebied. Er
ontstaan ook vaak bijzondere verbintenissen.

De heer Verhoek (wijkraad Brink en Orden) geeft aan dat er geen draagvlak is in de omgeving van
de Kleiberg. Dit is in 2011 ook gebleken, toen de Kleiberg in beeld was voor een AZC. Destijds zijn
er demonstratieve bijeenkomsten geweest en het risico bestaat dat dit nu weer gaat gebeuren.
De wijkraad is niet tegen een kleinschalig AZC maar 600 tot 800 vluchtelingen is te veel. Tussen de 200
en maximaal 250 valt over te praten, mits dit gezinnen zijn.

De heer Eijkhof (namens de Stem van Orden) vraagt in algemene zin, voor alle wijken, hoe de
veiligheid wordt gegarandeerd zowel binnen de hekken (voor de vluchtelingen) als buiten de hekken
(de wijkbewoners). Mevrouw Schippers spreekt veel met burgemeesters van steden waar al AZC’s
zijn en hoort van hen dat er niet veel is veranderd. De ervaring van COA is dat het niet zo spannend
is. Het is vaak moeilijk als ze komen, maar ook moeilijk als ze weer weggaan.

De heer Eijkhof (namens de Stem van Orden) verwijst naar de discussie van drie jaar geleden,
waarbij ook rapporten zijn overhandigd waarin andere signalen stonden. Een hek neerzetten en het
gebied afsluiten is niet menselijk. Een fors aantal mensen zal echter door de wijk gaan lopen, langs
sportvelden en sportende kinderen. Burgemeester Berends wil verder in gesprek als de definitieve
keuze voor een locatie is gemaakt en er zullen dan passende maatregelen worden getroffen. Hij is wel
geïnteresseerd in de genoemde rapporten, deze zullen opnieuw worden bekeken.

De heer Elzinga (wijkraad Zevenhuizen Zuidbroek) verwijst naar het feit dat Zuidbroek een jonge wijk
is, waar overdag de huizen vaak leeg zijn. Dit wil hij als aspect meegeven. Bovendien is er al een
probleem met het verkeer. De wijkraad is bezorgd over het toenemende aantal verkeersbewegingen
en wil dit meegeven. Mevrouw Schippers geeft aan dat dit autoverkeer geen probleem is. De
bewoners hebben geen auto. De circa 20 personeelsleden kunnen geen probleem veroorzaken. Er
wordt wel naar gekeken, maar er zijn nog nooit grote problemen door ontstaan.

Een meneer (namens de Stem van Orden) geeft aan dat de wijkraad Orden destijds klip en klaar is
geweest in het geven van haar mening. Nu, drie jaar later, lijkt dit terzijde te worden gelegd. Destijds
is ook een panel onderzoek geweest hoe de sociale veiligheid werd ervaren. Het gevoel bestaat dat
er niet geluisterd is naar de stem van toen. Burgemeester Berends ontkent dat er overheen gestapt
wordt; het traject wat nu gevolgd wordt heeft een ander gehalte dan destijds. Het wordt stap voor stap
gedaan. Argumenten worden gewogen. Het thema veiligheid ligt iedereen na aan het hart. De Stem
van Orden laat nog weten dat de uitspraak dat de mening van de wijkraad serieus wordt meegewogen
een mooie toezegging is, maar anderzijds wordt het van tafel gehaald doordat er geen toezeggingen
komen. De sociale belastbaarheid is duidelijk in de wijk. De Stem van Orden doet de aanbeveling om
de resultaten van het onderzoek van destijds mee te nemen in het onderzoek.
Burgemeester Berends geeft aan dat de criteria wel zijn meegenomen en er nu een verdieping wordt
gemaakt. De argumenten krijgen serieuze aandacht, maar er zijn ook andere criteria die mee worden
gewogen. De reden dat de Kleiberg bij de laatste vijf terecht is gekomen heeft te maken met het totaal
van criteria, waarvan veiligheid er één is. Dit geldt voor alle locaties.

Mevrouw Vinken (wijkraad Osseveld Woudhuis) wijst op publicaties in de krant wat vragen oproept
bij bewoners. Zij vraagt hoe de communicatie verloopt en waar wijkbewoners terecht kunnen met
vragen en opmerkingen. Burgemeester Berends legt uit dat nadat het haalbaarheidsonderzoek
gedaan is en er een voorlopige keuze gemaakt is, de gemeente en COA terug zullen komen in de
wijken en bij de bewoners. Indien het wenselijk is dat hier nu al een stap in gemaakt wordt, hoort de
burgemeester dit graag. Mevrouw Van Laar geeft aan dat vragen per email gesteld kunnen worden
(opvang@apeldoorn.nl) en hier op korte termijn op gereageerd wordt. Dit mailadres zal ook op de
gemeentelijke website geplaatst worden.

De heer Tjeenk Willink (buurtcommissie Zomeroord) wijst op de veiligheidsproblemen die er al zijn
in de wijk en geeft aan dat de wijk niet op extra opvang zit te wachten. In Beekbergen moet gekeken
worden naar de spankracht van de gemeenschap. Maandelijks komen er klachten binnen over de
sociale veiligheid. De heer Mos (dorpsraad Beekbergen) sluit zich hier bij aan. De zorginstellingen in
Beekbergen zorgen al voor overlast. Bovendien is Beekbergen een toeristendorp. Ook de dorpsraad
vraagt speciale aandacht voor de niet meer aanwezige spankracht in het dorp.

Een meneer (namens de Stem van Orden) verwijst naar de haalbaarheidsonderzoeken en vraagt wat
de voorkeur is van COA, twee locaties of één locatie. Mevrouw Schippers legt uit dat dit in overleg
met bewoners en gemeente gekozen wordt. Voor COA tellen zaken als voorzieningen in de buurt en
doorlooptijd mee. Indien bij alle opties alles gelijk is, heeft COA een voorkeur voor één locatie. COA
gaat hier echter niet over. Burgemeester Berends vult aan dat het in de kern besloten wordt in overleg
met de drie partijen. Het is de kracht om te proberen om er op een goede manier uit te komen.

Een van de aanwezigen geeft aan dat er nog niet gesproken is over Nieuw Milligen en stelt voor het
AZC daar naar toe te brengen. Het is een gigantisch terrein, een ideale locatie en voorzieningen
kunnen er naar toe gebracht worden.

De heer Ter Beek (namens de woningcorporaties) vraagt welke impuls er vanuit de locatie kan komen
voor de buurt. Mevrouw Schippers heeft de ervaring dat het werkgelegenheid met zich meebrengt,
zoals beveiliging, onderwijs etc. Aannemers worden verplicht om regionaal aan te besteden. De
ervaring is dat het werkgelegenheid biedt voor circa 150 fte.

De heer Van Egteren (dorpsraad Uddels Belang) spreekt ook namens Nieuw Milligen en verwijst naar
de eerste bijeenkomst, waarbij vanwege de sociale ligging Nieuw Milligen niet in aanmerking leek
te komen. De Stentor heeft een interview met de heer Van Egteren in de krant geplaatst, waarover
de heer Van Egteren wil aangeven dat hij nooit gezegd heeft dat het te ver van de bewoonde wereld
zou zijn. Hij heeft gezegd te ver van de sociale voorzieningen. De kazerne van de landmacht komt
in 2016 vrij, die van de luchtmacht in 2018. In het laatste geval kan beter gesproken worden met
Garderen. Hij noemt als aandachtspunten: het bestemmingsplan moet worden gewijzigd, waardoor
je met bezwaarschriften te maken kan krijgen. Ook de aanrijdtijden van de hulpdiensten, het
ontbreken van direct openbaar vervoer en ontbreken van een voetpad naar ingang en uitgang moet
worden meegenomen in het onderzoek. Vanuit Milligen naar Uddel lopen is makkelijker via de
Kroondomeinen; de eigenaar daarvan zal dit echter niet op prijs stellen. De N302 is een drukke weg,
dit brengt risico’s met zich mee. Bovendien zijn er nog drie andere zorginstellingen waar de bewoners
langs zouden moeten lopen. De scholen in Uddel en Garderen zijn relatief klein en hebben geen
ervaring met opvangen van vluchtelingen. Ook de identiteit in deze dorpen kan meespelen.

De heer Van Egteren denkt dat qua faciliteiten de luchtmachtkazerne een goede locatie kan zijn.
De heer Van Egteren stelt nog de vraag of, indien na definitieve keuze deze locatie alsnog komt te
vervallen om welke reden dan ook, de andere locaties dan wederom in beeld komen. Burgemeester
Berends geeft nogmaals aan dat drie partijen van belang zijn, er moet met zorg mee worden
omgegaan, maar de uiteindelijke beslissing ligt bij het college.

Mevrouw Oldewarris – Bazuin (St. Kerk en Vluchteling) spreekt haar teleurstelling uit. De dorps- en
wijkraden hebben uiteraard bezwaren en mogen deze uiten, maar zij heeft nog geen enkel welkom
gehoord voor de vluchtelingen, mensen in nood. De heer Van Egteren geeft aan dat zijn boodschap
dan niet goed is overgekomen. Hij wil het COA wijzen op mogelijke risico’s. De identiteit van Uddel is
juist om voor elkaar te zorgen.

Mevrouw Ten Damme (raadslid namens PSA) vraagt hoeveel mensen in Apeldoorn blijven wonen
die een definitieve verblijfsvergunning krijgen. Mevrouw Schippers legt uit dat er geen enkele relatie
is tussen vestiging van een AZC en wonen in die stad. Hier zijn landelijke afspraken over gemaakt;
het aantal wordt procentueel verdeeld over gemeenten. Er wordt getracht zo veel mogelijk landelijke
spreiding te hebben. Mevrouw Baraba (namens Vluchtelingenwerk) vult aan dat aantallen wettelijk
worden bepaald als plicht. Voor Apeldoorn is dit in de eerste helft van 2015 130 mensen (dus niet
130 woningen). De verwachting voor de tweede helft is net zo groot. De taakstelling hangt af van de
grootte van de gemeente.

Mevrouw Schultz (coördinator intensieve taalklassen in Apeldoorn) vraagt om speciale aandacht
voor het goed organiseren van basisonderwijs. Zijn er scholen in de buurt, is het op loopafstand,
kunnen scholen het opvangen, hoe wordt het georganiseerd als de opvang op twee locaties is? Het is
belangrijk om dit mee te nemen in het haalbaarheidsonderzoek en niet pas op het eind naar kijken.

De heer Tjeenk Willink (buurtcommissie Zomeroord) wil een aantal punten noemen om mee te nemen
in het onderzoek. De buurtcommissie heeft navraag gedaan in de buurt en heeft gehoord dat er al
eerder patiënten weggehaald zijn uit Immendaal op last van de brandweer vanwege onveiligheid. Het
gebouw is immers ook uit 1911. Bovendien moet rekening worden gehouden met de buren, namelijk
de zorgcentra met drugsverslaafden en mensen met psychiatrische problemen. In november is nog
een gebiedsschouw geweest, waarbij de indruk is ontstaan dat de gemeente hoog wilde inspelen
op de natuur. Daar lijkt nu geen sprake meer van. De heer Van Beek (buurtcommissie Zomeroord)
vult aan dat voorheen niets mocht in het beschermde natuurgebied. Het bosgebied is afgesloten. De
vraag bestaat hoe dit zal gaan met een groot aantal asielzoekers. In 2009 is er een cultuurhistorische
analyse van Beekbergen en Lieren gemaakt, waarbij het natuurgebied rondom Immendaal als
kwetsbaar werd aangemerkt. De vraag bestaat of COA heeft nagegaan of er mag worden bijgebouwd
bij Immendaal. Dit wordt als aanbeveling meegegeven. Namens de hotels en recreatie Beekbergen,
geeft de heer Willemsen aan dat Beekbergen in de zomerperiode 10.000 tot 15.000 toeristen kent. De
heer Willemsen vraagt of de transparantie zo groot is dat dorps- en wijkraden in de COA commissie
rondom het haalbaarheidsonderzoek mogen meebeslissen of bij aanwezig mogen zijn. Burgemeester
Berends geeft nogmaals aan dat de beslissing bij B en W ligt. Mevrouw Van Laar geeft aan dat
het bekend is dat het Immendaal in een natuurgebied ligt. Immendaal is gebruikt als woon- en
kantoorruimte voor een verpleeginrichting. Is meer nodig dan worden de uitbreidingsmogelijkheden
onderzocht. Dit maakt onderdeel uit van het haalbaarheidsonderzoek.

Mevrouw Vinken (Wijkraad Osseveld Woudhuis) wil graag duidelijk kunnen communiceren naar de
bewoners en geen verwachtingen scheppen die niet waar te maken zijn. Burgemeester Berends
heeft geprobeerd duidelijk te maken dat er goed geluisterd wordt naar de bewoners. We leven in een
maatschappij waarin bewoners invloed hebben.
Mevrouw Schippers geeft aan dat het haalbaarheidsonderzoek zo snel mogelijk start en zal worden
afgerond. Op verschillende plekken in Nederland zijn al centra geopend, soms binnen enkele weken.
De vluchtelingen uit oorlogsgebieden krijgen bijna allemaal een vergunning. Er is nog tijd, maar er
moet wel tempo worden gemaakt. De locaties worden geschouwd, maar het COA heeft ook te maken
met de eigenaren van de locaties. Het is niet altijd goed te plannen, maar voor de zomer moet zeker
haalbaar zijn.

Burgemeester Berends dankt afsluitend iedereen voor de openhartige inbreng. Er bestaat zorg, maar
met elkaar moet worden geprobeerd om de opvang te realiseren. Zorgvuldig, maar onder tempo. Het
is belangrijk dat inwoners weten waar zij aan toe zijn.